Liefde geven is anders dan liefde zijn!
Liefde geven is anders dan liefde zijn!

 

Liefde geven is niet verkeerd. 

Hulpbehoevende hebben beslist jouw liefde nodig in de vorm van hulp en zorg. Bij anderen kan het verkeerd uitpakken. Vooral als je jezelf niet bewust bent wat liefde geven precies is.

Zolang als ik mezelf kan herinneren ben ik van kinds af aan liefde aan mijn ouders en aan anderen gaan geven. Ik wilde iedereen gelukkig maken. Als hooggevoelig kind stemde ik me af op de pijnen van anderen en voelde wat ze nodig hadden. Ik paste me aan en gedroeg me zoals de ander dit wilde. Ik zorgde ervoor dat de ander minder verdrietig werd en niet boos. Ook poetste ik graag schuldgevoelens en schaamte bij anderen weg. Uit liefde voor de ander offerde ik me graag op.

Tijdens een regressie ben ik er achter gekomen dat ik het vlak na de bevalling koud had toen ik bij mijn moeder op haar buik lag. Mijn moeder was destijds niet in staat om me op te warmen. Ik ontdekte toen een trucje. Ik begon haar liefde te geven en kreeg het daar zelf ook warm van. Toen ik ouder was bleef ik deze strategie toepassen. Ik gaf liefde om warm te worden. Ik had helaas als kind niet door dat ik mezelf ook liefde kon geven. Dat had een hoop energie en ellende uitgespaard…

Liefde geven geeft je een warm gevoel!

Als iemand hulp, aandacht, liefde, zorg of troost nodig heeft, kan het ontzettend fijn zijn om je liefde te geven. Het geeft een warm gevoel om er voor anderen te zijn.

Op het moment dat je liefde geeft aan anderen, troost je de anderen in zijn of haar pijn. 

Het kan voor de ander net het duwtje zijn wat nodig is om weer op te staan. Vanuit daar is het de bedoeling dat de ander genoeg energie heeft verzameld om zijn eigen pijn verder op te pakken en er mee aan de slag te gaan.

Helaas gebeurd dit laatste meestal niet. De ander heeft van jou een liefdesshotje gekregen en teert daar een lange tijd op totdat hun eigen pijn weer groter wordt. Daarna hebben ze je weer nodig. Op deze manier ontstaat een afhankelijkheid. De ander wordt afhankelijk van jouw liefde en vergeet naar zijn eigen pijn te kijken. Jouw liefde geven, ontaard dan in het vertragen van het groei proces bij de ander. De ander groet niet en blijft stil staan in zijn ontwikkeling. Het is een vorm van betutteling.

Mensen die graag liefde geven lopen leeg wanneer ze dit om een of andere reden niet meer kunnen doen. Als je niet meer kunt geven heb je niets meer om jezelf aan op te warmen. Je wordt dan koud en voelt je waardeloos, nutteloos, onbelangrijk of krijgt je het idee dat je niet toe te doet. Dit alles kost veel energie.

Wanneer je de ander liefde geeft en deze doet er niets mee, is het verspilde energie. Je hebt gepoogd de ander gelukkig te maken en het is mislukt. Het is alsof jouw warmte doodslaat. Je hebt een deel gegeven en dit deel heeft bij de ander niets bereikt. Als dit veelvuldig voorkomt loop je leeg.

Wanneer de ander jouw liefde niet aanneemt en afketst kan dit erg pijnlijk zijn. Op dergelijke momenten voel je jezelf in relatie tot de ander niet belangrijk, onder gewaardeerd of waardeloos. Het kan ook gebeuren dat je boos wordt op de ander en hem ondankbaar vindt. Jouw liefde wordt dan omgezet in boosheid en woede. Het kan niet anders dan dat beide situaties veel energie van je vergen.

Nog meer energie kost het geven van liefde wanneer jouw uitingsvorm van liefde de ander zeer doet. Je dacht goed te doen maar hebt de ander pijn gedaan. Het warme gevoel wat je dan verwacht zet zich dan om in een schuldgevoel. Een schuldgevoel is erg pijnlijk en kost veel energie.

Liefde geven lijkt onvoorwaardelijk maar is het niet. 

Stel je zelf maar de vraag wat voor gevoel je het geeft wanneer de liefde die je geeft bij anderen niet aankomt, wordt afgeketst, als pijn wordt ervaren of als je geen liefde aan anderen meer kunt geven. De kans is groot dat dit je een naar gevoel oplevert.

Waarom geef je liefde?

Waarom heb je het nodig om je via anderen op te warmen?

Liefde geven maakt je warm. Blijkbaar heb je het nodig om warm te worden. Iets in jezelf heeft het koud. Iets in jezelf heeft dringend de behoefte om opgewarmd te worden. Er zit dus iets heel erg dieps in jezelf verstopt dat liefde en warmte nodig heeft.

Dat kan ook eigenlijk niet anders. Je wilt dat anderen gelukkig worden. Je wilt anderen gelukkig maken en wordt daar zelf gelukkig van. Je herkent dus ongeluk bij anderen en voelt jezelf genoodzaakt om hen liefde te geven.

De herkenning van ongeluk bij anderen is een herkenning van je eigen pijn van ongelukkig zijn. Een weggestopte pijn waar je meestal zelf onbewust nog last van hebt. Het is een deel in je dat diep ongelukkig is. Het is dat deel wat je koud maakt. Het is dit deel wat je aanzet om liefde te geven. Op deze wijze leg je steeds een warm dekentje over je eigen gevoel van ongelukkig zijn. In feite geef je iets weg wat jezelf nodig hebt. Je wilt de ander gelukkig maken om jezelf een gelukkiger te voelen. Je doet dit niet expres of bewust. Het patroon zit diep in je onbewuste geankerd.

De meeste gevers kunnen zelf niet goed ontvangen. 

Ze ketsen met gemak de liefde van anderen af. Dit komt omdat de liefde die diep binnenkomt dezelfde onderliggende pijn wakker maakt. Een gevoel van diep geluk kan immers net zo pijnlijk zijn.

Liefde geven kan dus een pijn vermijdend patroon zijn waarbij het liefde geven een innerlijke pijn verzacht. Een gevoel van ongelukkig zijn waar een dekentje overheen wordt gelegd. Zodra je onder de deken gaat kijken, vind je er je eigen gevoelens van ongeluk in terug. Het is dit gevoel wat om jouw eigen liefde vraagt.

Zij die liefde geven hebben meestal onbedoeld en onbewust een verborgen belang. Er is niets mis met dit belang. Het is de aard van de natuur. Een bloem verspreid zijn geur om insecten te lokken en via hen zichzelf te bevruchten. Het fruit aan de boom wil geplukt worden om zijn zaad te verspreiden. Voor de meeste mensen geld precies hetzelfde wanneer ze hun liefde geven.

Er is een manier van liefde verspreiden die belangeloos en onvoorwaardelijk gebeurd. 

Net als de zon die zijn zonnestralen belangeloos het hele universum in stuurt. Bij baby’s is deze toestand goed waar te nemen. Baby’s zijn de liefde zelf. Het is niet voor niets dat moeders verliefd worden op een baby. De meeste moeders die een baby in hun handen hebben worden er warm van. De liefde van een baby is net als de zon, niet gericht, gaat alle kanten op en is onvoorwaardelijk.

Bij volwassen mensen komt dergelijke liefde helaas zelden voor. Maar weinig mensen zijn de liefde.

Liefde zijn is belangeloos, richtingloos en onvoorwaardelijk. De liefde is niet gericht en stroomt alle kanten op. Deze toestand is pas mogelijk als je hart overloopt van onvoorwaardelijke zelfliefde.

Onvoorwaardelijke liefde ontstaat, wanneer je jezelf liefde geeft en in staat bent om liefde van anderen te ontvangen. Onvoorwaardelijke liefde is een toestand waar je niets voor hoeft te doen enkel te zijn. Liefde zijn!

Iedereen kan leren te zijn zoals de zon. 

Je hoeft hiervoor alleen maar je eigen vuur brandende te houden. Jezelf liefde geven en genieten van de zonnestralen van een ander.

Bij liefde geven ontvang je een warm gevoel.

Je blijft hiermee een bedelaar!

Bij liefde zijn, ben je de warmte zelf.

 


Hoe ervaar jij liefde geven?

Kun jij liefde ontvangen?

Geef je commentaar in onderstaande commentaarvelden.